Sadr al-Din Musa volgde zijn vader op in de Safaviyya. Religieuze instellingen, een bestelde biografie en latere handschriftwijzigingen verklaren zijn historische plaats.

Hoge cilindrische graftoren met turkooizen en blauwe tegelpatronen naast een lagere bakstenen koepel in Ardabil
Sjeik Safi-complex in Ardabil, AmirForoozan 7030, 22 maart 2019. Ontwikkeld over eeuwen; niet elk oppervlak behoort tot Sadr al-Dins eerste bouwfase. © AmirForoozan7030 · Wikimedia Commons · CC BY-SA 4.0.

Een soefileider vóór de Safavidische staat

Sadr al-Din Musa was zoon en opvolger van Safi al-Din van Ardabil, stichter van de Safaviyya. Het Aga Khan Museum onderscheidt deze religieuze gemeenschap van de dynastie die in 1501 ontstond. [3] Zijn loopbaan betreft een ordehuis, spiritueel familiegezag en herinnering aan de stichter. Latere koninklijke macht moet niet worden teruggeplaatst alsof hij al een Safavidische staat bestuurde. Ordebezit en latere hofinstellingen vragen verschillende bewijzen.

Politieke druk en gedateerde belastingvrijstelling

Reşat Öngören beschrijft opsluiting door Malik Ashraf Chobani, vrijlating en vertrek naar Gilan in 1354. Een decreet van de Jalayiridische gouverneur Ahmad ibn Uways op 26 mei 1372 stelde ordebezit en schenkingen vrij van belasting. [1] Een bepaalde akte verklaart middelen en banden met wisselende heersers. Ze verschilt van de algemene claim dat Timur onbeperkte belastinginning toestond. Uitgever, ontvanger en inhoud moeten worden bepaald.

Safvat al-Safa werd voltooid in 1358

Ethem Cebecioğlu identificeert Ibn Bazzaz als Sadr al-Dins leerling en dateert voltooiing op 759 AH/1358. Sadr al-Din bestelde het werk en gaf informatie over zijn vader. Het behandelt afkomst, opleiding, meester-leerlingbanden, ordeleven, wonderen en volgelingen. [2] Als hagiografie presenteert het een voorbeeldig heiligenleven. Instellingen en gebruiken kunnen worden onderzocht, terwijl wonderen anders worden gelezen dan bestuursdocumenten. De relatie van opdrachtgever tot onderwerp beïnvloedt ook het beeld van familiegezag.

Ook handschriftelijke afstamming heeft geschiedenis

Het Aga Khan Museum beschrijft de bewerking van 1533 om afstamming van de zevende sjiitische imam Musa al-Kazim te ondersteunen. Zijn geïllustreerde handschrift hoort bij die latere geschiedenis. [3] Cebecioğlu bespreekt ook wijzigingen onder Tahmasp, kopieën en drukken. [2] Het gaat om bepaalde tekstversies. Een vroeg handschrift is niet automatisch vrij van religieuze bedoelingen, een latere wijziging beantwoordt niet iedere afkomstvraag. Vergelijking vereist handschrift, passage en datum.

Het heiligdom verzamelde gebouwen en functies

UNESCO beschrijft kunst en architectuur van de veertiende tot achttiende eeuw. Het complex verenigde eredienst, begraving, onderwijs en liefdadigheid en verwerkte Ilkhanidische en Timoeridische bouwtradities. Het werd werelderfgoed in 2010. [4] De foto toont een betegelde cilindertoren en lagere bakstenen koepel. Ze plaatst de biografie in een echte omgeving, met onderscheid tussen eerste gemeenschap, latere beschermheren en moderne instandhouding. Het hele complex hoort niet bij één bouwcampagne in 1335.

Opvolging en grenzen van de Timurtraditie

Öngören dateert de dood op 794 AH/1392 en noemt zoon Khwaja Ali als aangewezen opvolger. Het verhaal van vrijgelaten gevangenen plaatst hij na Timurs Ankaraveldtocht 1402, onder Khwaja Ali, met Faruk Sümers bezwaar dat eigentijdse Timoeridische bewijzen ontbreken. [1] Chronologie en toeschrijving horen samen. Een betwist verhaal over een latere leider mag geen diplomatieke prestatie van diens voorganger worden.

Bronnen en verder lezen

  1. Reşat Öngören, Safeviyye, TDV İslâm Ansiklopedisi 35 (2008); Sadr al-Din, political pressure, 1372 decree, succession and disputed Timur tradition.
  2. Ethem Cebecioğlu, İbn Bezzâz, TDV İslâm Ansiklopedisi 19 (1999), pp.378–379; commission, 1358 completion, contents and textual revisions.
  3. Aga Khan Museum, Remastered: Safvat al-Safa; institutional history, 1533 reworking and illustrated manuscript.
  4. UNESCO World Heritage Centre, Sheikh Safi al-din Khānegāh and Shrine Ensemble in Ardabil, property 1345; brief synthesis, architectural phases and 2010 inscription.
  5. AmirForoozan7030, Sheikh Safi Al din Tomb, 22 March 2019, Wikimedia Commons; CC BY-SA 4.0.