Kirkuk viel op 10 april 2003 na de terugtrekking van regeringstroepen. Tijdgenoten beschreven feest en onveiligheid; veldonderzoek verklaart waarom verdreven gezinnen hun huizen niet vanzelf terugkregen.

Kaart van Kirkuk uit april 2003 met bebouwing langs de rivier, wegen, vliegveld, spoorlijn en overzichtskaarten
Kaart van 22 april 2003, US National Imagery and Mapping Agency, Library of Congress. Geen kaart van etnische verdeling of individuele eigendomsrechten. US National Imagery and Mapping Agency / Library of Congress · Public domain · Wikimedia Commons.

Datum en voorgeschiedenis

Koerdische strijders trokken op 10 april 2003 binnen na de terugtocht van Iraakse troepen. Griswold beschrijft achtergelaten uniformen in de ochtend en peshmerga vóór de grotere Amerikaanse aanwezigheid. Berichten van 11 april kunnen dus de vorige dag beschrijven. De ineenstorting van staatsgezag was geen referendum over Kirkuks status. Vóór de oorlog documenteerde Human Rights Watch georganiseerde verdrijving van Koerden, Turkmenen en Assyriërs: gedwongen etnische registratie als Arabier, partijlidmaatschap, paramilitaire rekrutering, detentie en vertrekbevelen. [1] [2] [3]

Feest en dreiging

Ooggetuigen zagen vlaggen, bloemen en vreugde, maar ook plundering en angst. Human Rights Watch beschreef peshmerga-optreden tegen plunderaars en ter bescherming van ziekenhuizen, naast moorden en bedreigingen van inwoners. Officiële partijbinding van gewapende daders kon niet altijd worden vastgesteld. Een hele gemeenschap kan daarom niet voor ieder incident verantwoordelijk worden gesteld. Vooroorlogse getuigenissen tonen bovendien dat verklaringen van “vrijwillig” vertrek onder dwang konden zijn getekend. De administratieve formulering vertelt niet het hele verhaal. [1] [2] [3]

Terugkeer en rechten

Het onderzoek van 2004 onderscheidde in beslag genomen woningen, gedwongen verkoop onder de waarde, huurhuizen en gesloopte wijken. Terugkeer leverde niet automatisch huisvesting of werk op. Ook Arabische gezinnen ondervonden na de regimeval bedreiging en verdrijving. Individuele aanspraken vereisten onderzoek en bescherming. Artikel 140 van de grondwet van 2005 voorzag in normalisering, volkstelling en referendum; artikel 14 stelde gelijkheid vast. Militaire controle was geen definitieve constitutionele regeling. De kaart van april 2003 situeert infrastructuur, zonder etniciteit of eigendom van een woning te bewijzen. [2] [4] [5]

Bronnen en verder lezen

  1. Eliza Griswold, “The Kurds Take a City”, The Nation, published online 17 April 2003, issue dated 5 May; reporting from Kirkuk on the fall of the city and its immediate aftermath.
  2. Human Rights Watch, Claims in Conflict: Reversing Ethnic Cleansing in Northern Iraq (August 2004), chapter VI, “Reversing Arabization of Kirkuk”; field interviews, abuses and property disputes.
  3. Human Rights Watch, Iraq: Forcible Expulsion of Ethnic Minorities (March 2003), chapter III, “Forced Expulsions”; investigation conducted before the invasion and named/pseudonymous witness accounts.
  4. Constitution of Iraq (2005), Articles 14 and 140; primary legal text in English translation, Constitute Project.
  5. US National Imagery and Mapping Agency, Karkuk (Kirkuk), Iraq, map dated 22 April 2003; Library of Congress, G7614.K25 2003 .U5, digital record 2004630062.
  6. Library of Congress map reproduction via Wikimedia Commons; US federal government work, public domain.