Deze geschiedenis omvat handelssteden, imperium, latere bewoning, Syrische schrijftradities en levende gemeenschappen.

Handel en rijksbestuur
Highcock onderzoekt de Oud-Assyrische periode, circa 2000–1600 v.Chr., Assurs kooplieden en Anatolische handelsnetwerken. Textiel, tin, contracten en familiebrieven tonen handel en recht. [9] Veel later strekte het achtste-eeuwse rijk zich uit buiten Assur, Nineve en Arbela. Empire Builders ontsluit koninklijke en ambtelijke brieven over communicatie en provinciaal bestuur. [1]
Verschillende stappen van de val
De Babylonische kroniek vermeldt de Medische verovering van Assur in 614 v.Chr. en de alliantie met Nabopolassar. Meden en Babyloniërs belegerden en plunderden Nineve in 612. Assyrisch bestuur ging in Harran verder; een Egyptisch gesteunde herovering mislukte in 609. [2] Antieke volken mogen niet automatisch door moderne natienamen worden vervangen.
Latere bewoning en Syrische teksten
Het Assurbanipalbibliotheekproject documenteert hellenistische, Parthische en Sassanidische bewoning in Nineve tot in de vroegislamitische tijd. [3] Beth Mardutho beschrijft Syrisch als Aramese variëteit verbonden met Edessa, met religieuze, historische en wetenschappelijke literatuur en vertalingen tussen Griekse en Arabische kennis. [10] Dit is veranderende geschiedenis, geen menselijke leegte.
Moderne talen
Cambridge documenteert Neo-Aramese dialecten van christelijke en Joodse gemeenschappen uit Noord-Irak, Noordwest-Iran en Zuidoost-Turkije. Sureth is gebruikelijk; Assyrische christenen gebruiken in het Engels ook Assyrian. Ontheemding en taalverlies zijn belangrijk. [4] Gemeenschapsnaam, taalindeling en familieafstamming zijn verschillende vragen.
Missies en nationalisme
Becker onderzoekt Amerikaanse missies in negentiende-eeuws Iran, scholen, religieuze hervorming en lokaal gebruik van Bijbelse en archeologische kennis voor nationaal bewustzijn. [5] Dit verklaart moderne identiteitsvorming, zonder Assyriërs te reduceren tot een willekeurige Britse ambtenarenuitvinding. Verandering en levende identiteit kunnen samen worden onderzocht.
Gemeenschappen en erfgoed
Malko benadrukt plaatsbezoeken, kunst en gemeenschappelijk geheugen. [6] Kassem en Jackson onderzochten in 2017 106 deelnemers in Irak en de diaspora: ontheemding, marginalisering, familie en religie vormden verbondenheid. Sommigen noemden zich specifiek Chaldeeuws of Syrisch. [7] Eigen namen en ervaringen verdienen aandacht; staatscontinuïteit, cultureel erfgoed en modern nationalisme vragen onderscheid.
Bronnen en verder lezen
- Assyrian Empire Builders, ORACC/UCL–LMU project description: eighth-century royal correspondence and administration.
- Fall of Nineveh Chronicle, BM 21901, years 12–17; primary text in translation adapted from Grayson and Glassner, Livius.
- Ashurbanipal Library Project, Areas of Nineveh: later occupation and archaeological context.
- University of Cambridge, North-Eastern Neo-Aramaic Database Project: introduction, recordings and dialect research.
- Adam H. Becker, Revival and Awakening (2015), University of Chicago Press overview and contents.
- Helen Malko, The Assyrians of South West Asia: Modern People, Ancient Past, University of Helsinki, community heritage perspective.
- Niveen Kassem and Mark Jackson, Cultural Trauma and its Impact on the Iraqi Assyrian Experience of Identity, Social Identities 26/3 (2020), 388–402; accepted manuscript, methods and findings.
- Jl FilpoC, winged figure from Ashurnasirpal II’s palace at Nimrud, 17 February 2022, Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0.
- Nancy Highcock, The Old Assyrian Period (ca. 2000–1600 B.C.), Metropolitan Museum of Art, 2017.
- Beth Mardutho, The Syriac Institute, History of Syriac: origins, literature and translation traditions.